Trainer, Coach of Trainer/Coach?

Trainer, Coach of Trainer/Coach?

In het voetbal worden de woorden trainer en coach vaak gebruikt. Maar wat is nou eigenlijk het verschil tussen een trainer en een coach en wat wordt er gehanteerd bij de Regionale Voetbal Academie?

Trainers richten zich voornamelijk op het aanleren van vaardigheden door middel van instructie. De trainer bepaald hierbij wat er gedaan en geleerd gaat worden. De spelers volgen. Een coach geeft de speler ruimte om door vormgeving van zijn doelstellingen te bepalen wat hij of zij wil leren; de leerweg wordt door de coach en de speler samen vastgesteld.

‘Eco-Coaching CIOS Heerenveen, 2012’

Trainer Coach
Geeft veel opdrachten Stelt veel vragen
Gericht op de groep Gericht op het individu
Trainer staat centraal Speler staat centraal
Gericht op het product Gericht op het proces
Koerst op zekerheid Koerst op vernieuwing

Wat zijn de effecten van coaching en hoe kan coaching in de praktijk worden toegepast?

Effecten

Coachen in plaats van trainen kunnen veel verschillende effecten hebben. Hieronder worden er een aantal opgesomd.

  • Spelers nemen meer verantwoordelijkheid over het eigen leerproces
  • Creatiever
  • Nemen meer initiatief
  • Worden vaardig in het zelf bedenken van oplossingen
  • Leert om kritisch te reflecteren
  • Krijgt inzicht in eigen kwaliteiten en verbeterpunten

Praktijkvoorbeeld

In eerste instantie wordt er een oefenvorm beschreven waarbij wordt ‘getraind’. Vervolgens wordt een situatie omschreven waarbij wordt ‘gecoacht’. In de eerste situatie wordt er een ruitvorm uitgezet met een pion in de midden. Op elke hoek staat een speler met bal. De trainer geeft de opdracht dat alle spelers naar de midden moeten dribbelen en hier de bal kunnen afkappen met binnenkant voet. Vervolgens dribbelen ze terug naar de eigen pion. De trainer observeert en verteld de spelers wat zij kunnen verbeteren.

Schermafbeelding 2015-05-21 om 15.16.05

In de tweede situatie wordt er een partijvorm uitgezet met twee doeltjes met de rug naar elkaar toe. Bij beide pionnen in de midden staan spelers, de ene groep met bal en de andere groep zonder bal. De bal wordt naar de overkant gespeeld en vervolgens moeten de spelers komen tot scoren. Na de eerste actie stelt de coach een vraag.: “Je staat nu bij het ene doeltje en kunt niet scoren, waar zou je wel tot scoren kunnen komen? Waarom kun je wel bij het andere doeltje scoren? Want daar ligt de ruimte, zegt de speler”. Vervolgens constateert de speler dat hij niet kan draaien richting de ruimte. De speler geeft aan dat hij graag kappen en draaien wil oefenen, omdat hij de ruimtes wel herkent, maar niet kan benutten.

Schermafbeelding 2015-05-21 om 15.16.15

Wat doet de RVA? 

Bij de RVA zijn wij volledig gefocust op het coachen. De coaches stellen vragen en de speler bepaald op basis van zijn eigen reflectie en een score van de coach zijn leerdoelen. Vervolgens wordt de leerweg door de speler en de coach vastgesteld.

Geef een reactie